Prenatale Screening

Naast de standaard onderzoeken die tijdens je zwangerschap plaatsvinden, wordt aan iedere zwangere in Nederland de mogelijkheid geboden om onderzoek te laten uitvoeren naar eventuele afwijkingen bij de ongeboren baby. Dit heet prenatale screening. Je verloskundige zal de keuzemogelijkheden met jou bespreken. Ook kan zij jou ondersteunen in het maken van de beslissing om wel of niet te onderzoeken.

Hieronder vind je alvast wat algemene informatie over de diverse prenatale screeningstesten. De verloskundige zal tijdens het speciale counselingsgesprek de testen nog uitgebreid aan je toelichten. Voor nog meer informatie verwijzen wij graag naar de website van ‘onderzoek van mijn ongeboren kind.

Prenatale screening bestaat uit twee afzonderlijke onderdelen; ‘Screening naar Downsyndroom, Patausyndroom en Edwardssyndroom’ en het ‘Structurele Echoscopisch Onderzoek’ (20 weken echo).

De combinatietest:
Bij de combinatietest wordt berekend wat de kans is dat jouw kindje Downsyndroom, Patausyndroom of Edwardssyndroom heeft. De combinatietest bestaat uit 2 onderdelen:

  • 9-14 weken zwangerschap: een bloedtest bij moeder
  • 11-14 weken zwangerschap: een echo waarbij de nekplooi van de baby wordt gemeten. In deze periode is er een vochtlaag aanwezig in de nekplooi van de baby. Hoe meer vocht er aanwezig is, hoe hoger de kans dat het kindje 1 van de 3 syndromen heeft.

De combinatietest heeft geen lichamelijke risico’s voor jou of je baby. De uitslag van de test geeft geen uitsluitsel of zekerheid, maar geeft wel weer wat de kans is dat je kindje een van deze aandoeningen heeft. Bijvoorbeeld 1:3500. Indien uitslag is dat de kans 1:200 of hoger (bijvoorbeeld 1:150) is, betekent dit dat je een verhoogde kans hebt op een kindje met een van deze syndromen. In dat geval kom je in aanmerking voor vervolgonderzoek. Dit betreft dan een vruchtwaterpunctie of een vlokkentest. Een vlokkentest en vruchtwaterpunctie behoren tot invasief onderzoek. Dit betekent dat bij deze onderzoeken het risico bestaat dat je een miskraam krijgt.

De NIPT (niet-invasieve prenatale test):

Sinds april 2017 kan iedere zwangere ook direct kiezen voor de NIPT (Niet Invasieve Prenatale Test). Ook deze test is bedoeld om te onderzoeken of er aanwijzingen bij de baby zijn voor Downsyndroom, Patausyndroom en Edwardssyndroom. Wanneer je de NIPT wilt laten uitvoeren, kan dit vanaf 11 weken zwangerschap, Er wordt dan eenmalig bloed bij je afgenomen. In het bloed van de zwangere vrouw circuleren vanaf 11 weken enkele deeltjes die afkomstig zijn van het DNA uit de placenta. Omdat er alleen bij de zwangere vrouw wat bloed wordt afgenomen, geeft de test geen risico voor de baby. De NIPT ontdekt meer kinderen met Down-, Edwards- en Patausyndroom dan de Combinatietest. Bovendien klopt de uitslag van de NIPT vaker dan de uitslag van de combinatietest. Er bestaan wel uitzonderingen die ervoor kunnen zorgen dat je misschien niet kunt deelnemen aan de NIPT. Wij zullen altijd tijdens het counselingsgesprek met je bespreken of dit op jou van toepassing is. Indien er aanwijzingen gevonden worden dat je kindje Down-, Edwards-, of Patausyndroom heeft, wordt je de optie geboden om een gesprek voor prenatale diagnostiek te krijgen bij een gespecialiseerd ziekenhuis. In de regio Breda is dat het Erasmus Medisch Centrum (Rotterdam).

 

Vergoeding Combinatietest en NIPT

De combinatietest en de NIPT worden door de meeste verzekeringen alleen vergoed wanneer je een medische indicatie hebt om deze onderzoeken uit te laten voeren. Jouw verloskundige zal het jou vertellen wanneer er een medische indicatie is. Beide onderzoeken kosten ongeveer 175 euro. Geeft de NIPT of de Combinatietest een afwijkende uitslag? Dan kom je in aanmerking voor vervolgonderzoek. Dit wordt wel vergoed. Voor meer informatie lees de folder over screening op Downsyndroom, Patausyndroom en Edwardssyndroom.

Het structureel echoscopisch onderzoek:

Wanneer je ongeveer 20 weken zwanger bent krijg je een SEO (structureel echoscopisch onderzoek) aangeboden. Tijdens deze echo wordt heel uitgebreid bekeken of er afwijkingen zichtbaar zijn in de structuren van je baby. Deze echo heeft als doel een open rug of open schedel op te sporen, maar er kunnen ook andere lichamelijke afwijkingen aan het licht komen. Niet elke afwijking is echter zichtbaar op de 20 weken echo. De uitslag geeft dus geen 100% garantie op een gezonde baby. Gelukkig worden de meeste kinderen gezond geboren en heeft maar 3-4% van de baby’s een aangeboren afwijking.

Tijdens de 20 weken echo wordt ook gekeken naar de groei van de baby, de hoeveelheid vruchtwater en de locatie van de placenta. Mocht je kiezen voor de 20 weken echo, dan kun je, als je dit wil, ook vragen of de echoscopist(e) geslachtsbepaling wil uitvoeren. Het bepalen van het geslacht van de baby is geen doel van de echo, maar een extraatje.

Iedere werkdag spreekuur, ook in de avond